Referendum Oekraïne: waar stem je nou over?

Het referendum in Nederland over de Associatieovereenkomst tussen de Europese Unie en Oekraïne was een nationaal raadplegingsreferendum over de goedkeuring door Nederland van de Associatieovereenkomst tussen de Europese Unie, de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, haar 28 lidstaten en Oekraïne, gehouden in Nederland op 6 april 2016. De wettelijke basis voor het referendum was de op 1 juli 2015 aangenomen wet op het consultatief referendum. Dit maakte het mogelijk om een referendum aan te vragen over een wet die al was aangenomen als er binnen zes weken 300.000 handtekeningen van kiezers werden ingediend. De actiegroep GeenPeil, een samenwerkingsverband tussen de website GeenStijl en de burgerinitiatieven Burgercomité-EU en Forum voor Democratie, zet zich in om de nodige handtekeningen te verzamelen. In totaal zijn 427.939 geldige handtekeningen ingediend bij de Kiesraad. Daarmee is het vereiste quorum van 300.000 stemmen bereikt.

Het referendum vond plaats op woensdag 6 april 2016, tijdens het Nederlandse EU-voorzitterschap Het was correctief van aard en niet bindend, maar de inwerkingtreding van de Keuringswet zou hernieuwde goedkeuring van de Tweede en Eerste Kamer van Algemene Staten vereisen indien de uitslag van het referendum negatief was De uitslag van het referendum was alleen geldig indien de opkomst ten minste 30% bedroeg. De vraag aan de kiezers, te beantwoorden met “Voor”, “Tegen” of een onthouding, was als volgt:

“Bent uor of tegen de wet tot goedkeuring van de Associatieovereenkomst tussen de Europese Unie en Oekraïne?”?

“Bent u voor of tegen de wet die de associatieovereenkomst tussen de Europese Unie en Oekraïne goedkeurt?”

  • Vraag van het referendum van 6 april 2016[4].
    61% van de kiezers stemde tegen het Verdrag. De opkomst was 32,28%.

ruzies
Argumenten ten gunste van
De Stichting Stem voor Nederland, die de ‘ja’-campagne organiseerde, heeft de volgende argumenten aangevoerd ten gunste van de associatieovereenkomst:[55][55][55].

Met een markt van 45 miljoen inwoners is Oekraïne interessant voor een handelsnatie als Nederland. Meer handel biedt Nederland meer groei en werkgelegenheid. Oekraïne zou toegang krijgen tot de Europese markt en zo zijn ongunstige toekomstperspectieven kunnen verbeteren.
Oekraïne zou verplicht zijn om fundamentele hervormingen en een grondige aanpassing van de wet- en regelgeving door te voeren. Het Verdrag verankert de democratische beginselen en verbetert de rechtsstaat.
Het samenwerkingsverdrag zou de mensenrechten in Oekraïne verbeteren. De Oekraïense regering had bijvoorbeeld beloofd het Internationaal Strafhof in Den Haag te erkennen. Met het verdrag zou een multi-etnische samenleving in Oekraïne blijven bestaan.
De rechten van de LGBT-gemeenschap in Oekraïne zouden worden versterkt. In het najaar van 2015 heeft het Oekraïense parlement een wetswijziging aangenomen die discriminatie op grond van seksuele voorkeur op het werk verbiedt. Dit was een van de voorwaarden voor de overeenkomst. LGBT-organisaties in Oekraïne zouden aantonen dat Europese druk de weg zou vrijmaken voor positieve veranderingen in het land. Er is meer politiebescherming tegen haatdelicten en in 2015 zou er een gay pride met minder incidenten kunnen plaatsvinden.
Deze samenwerkingsovereenkomst bevordert het dierenwelzijn, ondersteunt Oekraïne bij de uitvoering van het Kyoto-protocol en zorgt ervoor dat de EU en Oekraïne een overeenkomst bereiken om de CO2-uitstoot te verminderen.
Met de onrust aan de buitengrenzen van de EU staat ook de Nederlandse veiligheid onder druk. De EU moet een zone van vrede en stabiliteit creëren. De associatieovereenkomst zou bijdragen tot de opbouw van het stabiele en welvarende Oekraïne dat voor deze oplossing nodig is.
Oekraïne zou geholpen worden om een stabiel land te worden met een volwassen democratie, zonder corruptie en met een welvarende bevolking.
Argumenten afwijzen
De belangrijkste dragers van de “nee”-campagne, het Burgercomité-EU en de denktank Forum voor Democratie, hebben de volgende argumenten tegen de associatieovereenkomst aangevoerd:[56].

De associatieovereenkomst is absoluut geen vrijhandelsovereenkomst, maar een integratieovereenkomst en dus een deur naar het EU-lidmaatschap van Oekraïne. De overeenkomst spreekt letterlijk van “politieke associatie en economische integratie tussen Oekraïne en de Europese Unie”.
De Oekraïense economie is zeer klein en zou verder krimpen als gevolg van de oorlog in Oekraïne en de corruptie. Slechts 0,2% van de Nederlandse export zou naar Oekraïne gaan. Dit is een fractie van de handel met Rusland. De confrontatie tussen de EU, de VS en Rusland zou de Nederlandse betrekkingen met Rusland jarenlang hebben verslechterd; de Associatieovereenkomst zou deze betrekkingen nog meer schade hebben toegebracht. De Oekraïense corruptie zou door deze overeenkomst Nederland binnendringen en daarmee de politiek en de welvaart ondermijnen.
Oekraïne zou recht hebben op financiële steun van de EU “via de desbetreffende financieringsmechanismen en -instrumenten van de EU”. De les van de Griekse staatsschuldencrisis is echter dat deze hulp ook zal worden gegeven zonder dat Nederland iets te zeggen heeft over het gebruik van deze financiële middelen.
Oekraïne, dat in oorlog is, zou militaire hulp en bijstand krijgen: “De overeenkomstsluitende partijen onderzoeken de mogelijkheden voor militair-technologische samenwerking”. Nederland zou dan nog meer betrokken worden bij een groot geopolitiek conflict zonder dat het daar een bijzonder belang bij heeft.
“De partijen nemen geleidelijk maatregelen om te zijner tijd een visumvrije regeling in te voeren.”. Dit zou visumvrij reizen mogelijk maken, niet in de laatste plaats voor criminele dievenbendes.
De associatieovereenkomst had geleid tot een burgeroorlog in Oekraïne – nu zou de EU het land koloniseren. Met het verdrag dwingt de EU Oekraïne om zijn wetgeving aan te passen aan de Europese wetgeving zonder als niet-lid het Brusselse wetgevingsproces te kunnen beïnvloeden.
De uitbreiding van de invloed en de macht van de EU in Oekraïne zou leiden tot de oprichting van allerlei nieuwe comités en adviesorganen, die EU-ambtenaren en -politici nieuwe mogelijkheden voor de macht zouden geven. De invloed van Nederland op de geopolitiek van de EU wordt door een dergelijke uitbreiding van de EU nog verder verminderd.
Eind maart 2016 zeiden de voorzitters van het Burgercomité-EU initiatief in een interview met het NRC Handelsblad dat zij zich niet bekommeren om Oekraïne, maar om het opheffen van de EU of het afdwingen van een zogenaamde “nexit” (kunstmatig woord uit “Nederland” en “exit”), d.w.z. het dwingen van Nederland om de EU te verlaten. Arjan van Dixhoorn, die de alliantie leidde die het referendum lanceerde, zei: “Oekraïne stoort ons echt niet, je moet begrijpen”. Hij voegde eraan toe: “Een referendum over de uittreding is tot nu toe niet mogelijk geweest. Daarom zetten we alle middelen die we tot onze beschikking hebben in om druk uit te oefenen op de relatie tussen Nederland en de EU. MEP Kees Verhoeven noemde deze uitspraken “schokkend”. De mening van de initiatiefnemers van het referendum was oneerlijk tegenover het Oekraïense volk.

Voorstanders en tegenstanders

Campagne-affiche van D66
De regeringspartijen VVD en PvdA en het CDA hebben geen brede campagne gevoerd. De VVD is principieel tegen het houden van referenda[59] De regeringspartijen namen echter deel aan de discussies over het referendum[60] De politieke jongerenorganisatie van de PvdA, de Jonge Socialisten, organiseerde een zichtbaarheidscampagne op de stations, waarvoor zij een subsidie van 50.000 euro ontvingen[35] De politieke jongerenorganisatie van de PvdA, de Jonge Socialisten, organiseerde een zichtbaarheidscampagne op de stations, waarvoor zij een subsidie van 50.000 euro kregen.

De links-liberale partij D66 was voorstander van het verdrag en leidde een “ja”-campagne onder leiding van gedeputeerde Kees Verhoeven[61] D66 gebruikte 50.000 euro uit haar partijbudget voor de campagne. Daarnaast ontving de partij een subsidie van 50.000 euro voor “online advertenties, verspreiding van posters, een oproepactie en verspreiding van folders”[27][35][35] De Referendumcommissie kende GroenLinks ook een subsidie van 11.000 euro toe voor de ontwikkeling en verspreiding van folders en voor een campagne “sociale media”[35] De doopvont was een voorstander van de Associatieovereenkomst, maar tegen het referendum. Niettemin moedigde zij haar aanhangers aan om aan het referendum deel te nemen.[62].

knotsen
De “Ja”-campagne werd georganiseerd door de Stichting Stem voor Nederland. Het werd opgericht door de conservatieve Nederlandse politieke activist Joshua Livestro en voormalig PvdA-voorzitter Michiel van Hulten[63][27].

Op 22 januari 2016 werd bekend dat miljardair George Soros via zijn Open Society Foundations 200.000 euro had gedoneerd aan Stem voor Nederland.[40] De subsidieaanvraag van Stem voor Nederland werd door de Referendumcommissie teruggestuurd omdat de handtekeningen op het aanvraagformulier ontbraken.[64].

Internationaal
De Oekraïense president Petro Poroshenko zei tijdens een staatsbezoek aan Nederland in november 2015 in een interview met NRC Handelsblad dat het referendum “Poetin” en “bewust of onbewust de Russische agressie in de kaart speelt”. Hij zei dat het idee dat “de Nederlanders gegijzeld zullen worden door een politiek spel” afschuwelijk was. Hij zei ook: “Iedereen moet weten dat een stem in het referendum ook een stem voor of tegen de Oekraïners is die hun leven hebben gegeven voor de Europese waarden”[65]. Poroshenko zei na een gesprek met de Nederlandse premier Mark Rutte dat een mogelijk “nee” niet het einde van het Associatieverdrag betekent. “Niemand kan ons tegenhouden. Het is ons laatste afscheid van de Sovjet-Unie, van het communisme,” zei de Oekraïense president.[66].

De voorzitter van de Europese Commissie, Jean-Claude Juncker, waarschuwde in een interview met de Nederlandse krant NRC Handelsblad op 9 januari 2016 dat een Nederlands “nee” “de deur zou kunnen openen voor een grote continentale crisis”[67] Juncker was het ermee eens dat het referendum Rusland in de kaart zou spelen en dat “de populisten die de EU willen opblazen” in de steek zouden worden gelaten.68] De voorzitter van de EU Commissie zei te hopen dat “de Nederlanders niet ‘nee’ zullen zeggen om redenen die niets met de overeenkomst zelf te maken hebben”. 67] Tijdens de 14e lezing van Norbert Schmelzer in Den Haag op 3 maart herhaalde Juncker zijn waarschuwing: een Nederlands ‘nee’ zou leiden tot destabilisatie in Europa. 69] Juncker benadrukte ook dat de overeenkomst niet ging over de toetreding van Oekraïne tot de Europese Unie. Een uitbreiding van de EU zou op dit moment uitgesloten zijn. Juncker legde uit dat de EU in het verleden “iets te veel gas had gegeven” bij de uitbreiding[69].

Herman Van Rompuy, die als voorzitter van de Europese Raad sterk betrokken was bij de overeenkomst met Kiev, zei in een interview met de Nederlandse krant Trouw dat een “nee” in dit referendum een “schande” was voor de Nederlandse regering. Van Rompuy wees erop dat de Nederlandse regering al heeft ingestemd met de associatieovereenkomst. Als de meerderheid van de kiezers de associatieovereenkomst vervolgens afwijst, “dan zou Nederland een minder betrouwbare partner worden”, aldus Van Rompuy.

tegenstander
De PVV, de SP en de Partij voor de Dieren waren tegenstanders van het akkoord en organiseerden een “nee”-campagne.[59] De SP vroeg subsidies aan bij de referendumcommissie. Harry van Bommel, het Kamerlid dat de campagne organiseerde, gaf aan 1.750 SP-leden te willen mobiliseren voor de campagne.[27] De Partij voor de Dieren heeft een subsidie van 50.000 euro ontvangen voor een postercampagne en een internetfilm.[35].

knotsen
De denktank Forum voor Democratie (na de campagne omgevormd tot een partij), onder leiding van Thierry Baudet, mede-initiatiefnemer van het referendumvoorstel, leidde de “nee”-campagne. Volgens Baudet is Oekraïne “het slachtoffer van het imperialistische EU-beleid”. Forum voor Democratie ontving een subsidie van 46.913 euro van de Referendumcommissie voor de organisatie van een conferentie.[35].

Internationaal
Na de ondertekening van de Associatieovereenkomst op 27 juni 2014 verklaarde de Russische minister van Buitenlandse Zaken Lavrov dat de Russische regering de overeenkomst zou respecteren, zelfs als zij zich tegen de overeenkomst zou verzetten[71] De gesprekken tussen de Europese Unie en Moskou over de zorgen van Rusland over het verdrag mislukten op 21 december 2015[72] Op 16 januari 2016 meldde de Britse krant The Daily Telegraph dat de veiligheidsdiensten van de Verenigde Staten de “invloed van Rusland op het referendum” zouden onderzoeken.73][74] Volgens de krant meldden “bronnen van Amerikaanse inlichtingendiensten” dat “de argumenten die door de aanhangers van het referendum worden gebruikt, sterk lijken op Russische propaganda”[73] Het Russische Ministerie van Buitenlandse Zaken verwierp de “paranoïde” beschuldigingen[75] Volgens het ministerie is het referendum een “natuurlijke reactie op het buitenlands beleid van de EU die geen rekening houdt met de publieke opinie in de lidstaten”. Moskou bekritiseerde de vermindering van het aantal stembureaus en het “verzet van de Nederlandse regering tegen het referendum”[75].

De Britse UKIP-parlementslid Nigel Farage kondigde eind februari aan dat hij het “nee”-kamp steunde.[76] Farage nam deel aan een debat in Volendam op 4 april.[77] Farage hoopte dat een Nederlands “nee” van invloed zou zijn op het referendum over de Britse overblijfselen in de Europese Unie, dat op 23 juni 2016 plaatsvond[78].

Neutraal
De stichting GeenPeil (onder leiding van GeenStijl blogger Bart Nijman) organiseerde een neutrale campagne[27] De stichting zette zich in voor een hoge opkomst en wilde 1500 vrijwilligers inzetten. GeenPeil verzocht om een subsidie van de Referendumcommissie, maar het verzoek werd aanvankelijk afgewezen. De stichting besloot toen haar aanvraag in te trekken.[33] GeenPeil kon uiteindelijk via crowdfunding geld inzamelen voor haar campagne.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *